BAGger 2012
Bagger, net
zo bagger als de naam al aangeeft?
Zoals velen al weten, is in week 39 heel leerjaar 3 op
werkweek geweest in de Nederlandse polders. Laat ik even beginnen met een uitleg.
Onze school houdt al achttien jaar lang een werkweek voor het derde leerjaar.
BAGger is een afkorting voor de vakken Biologie, Aardrijkskunde en
Geschiedenis. In de loop der jaren is geschiedenis verdwenen en zijn hier
scheikunde en beeldende vorming voor in de plaats gekomen. De achterliggende
gedachte van BAGger is dat leerlingen behalve theoretisch ook praktisch dingen
leren. We doen vijf dagen in groepjes ’s ochtends een praktische opdracht, die
we ’s middags uitwerken in een poster.
Hieronder mijn ervaringen over de eerste BAGgerdag.
De heenreis
Op maandag begon de dag voor mij erg vroeg (kwart over
6). Om 7 uur begon ik samen met Emma
Smit een 20 kilometer lange fietstocht naar boer Scherpenzeel in Schoonrewoerd.
Ik was vastbesloten om iedere dag heen en terug te fietsen. We hadden een route
langs de Lingedijk uitgekozen. Aangezien we 2 uur hadden om om 9 uur in
Schoonrewoerd te verschijnen, fietsten we lekker langzaam en genoten we van de
Linge, de mooie lucht en de koeien. Toen
we een half uur te vroeg aankwamen, ploften we neer op een bankje in de
gezellige schuur van boer Scherpenzeel en verkenden we het erf.
Diepe teleurstelling
Om 9 uur hielden de docenten een praatje. Hierna verzamelden
we met ons groepje (de groepjes waren van te voren al gemaakt) en fietsten we samen met mevrouw Van Duffelen
en mevrouw Willemse naar de polders om grondboringen te doen. Hierna maten wij,
op een wat onbetrouwbare wijze, de hoogte van de dijk. Na de middagpauze gingen
we vol goede moed aan de slag met een poster over onze metingen en uitkomsten. Het
lukte erg goed en we waren erg trots op onze poster. Mevrouw Willemse vond dat
kennelijk niet, we kregen een zesje.
Spannend avontuur
Diep teleurgesteld begonnen we, samen met Anna-Marthe, onze
20 km lange reis terug naar huis. Het waaide vrij hard. Na een aantal km besloten
we zelfs om even te gaan lopen, omdat we zo veel tegenwind hadden. Maar we
konden natuurlijk niet 20 km terug naar huis lopen, dus na 200 m stapten we
weer op de fiets. Na 5 minuten flink doorfietsen begon Emma raar adem te halen.
We stopten, lieten Emma even op adem komen en fietsten weer door. Na 30 seconden
fietsen begon Emma een beetje paniekerig te hijgen. Weer stoppen, even drinken
en weer verder fietsen. Nu begon ze echt te hyperventileren. Ze was knalrood.
We besloten dat we Emma beter konden laten ophalen. Aangezien we geen van
drieën een telefoon bij ons hadden, zat er niks anders op dan ergens bij een
boerderij aan te bellen en te vragen of wij even gebruik mochten maken van de
telefoon. De deur werd opengedaan door een heel erg lieve mevrouw. Toen wij
hadden uitgelegd wat er aan de hand was, werd Emma helemaal vertroeteld (‘Gut
kind, wat ben je rood? Gaat het wel? Ga toch even zitten meisje, hier heb je
een glas water. Lust je een speculaasje?’). Emma’s moeder nam niet op, dus
hebben we mijn moeder gebeld. Er waren nog wat problemen met het vinden van een
boerderijtje in the middle of nowhere, maar na een kwartiertje kwam mijn moeder
aan. We bedankten de vrouw hartelijk en liepen naar de auto toe. Volgens mijn
moeder moesten wij ook mee met de auto, omdat ze het gevaarlijk vond omdat er
halve bomen op de weg lagen. Maar Anna-Marthe en ik vonden onszelf echte
bikkels en we gingen, ondanks het aanbod om met een lekker warme auto te gaan,
toch fietsen. Het schoot niet echt op, want terwijl Anna-Marthe en ik volle bak
vooruit trapten, gingen we door de wind toch achteruit. Uiteindelijk (2 uur en
een kwartier later) kwamen we uitgeput thuis aan. Een intensieve work-out was
het wel. Maar ja, je moet er iets voor over hebben om op BAGger te gaan.